Zelf een (gitaar)solo uitzoeken

Eerder schreef ik over hoe ik het aanpak als ik de muziek van een lied uitzoek. Ik wil even wat dieper inzoom op een aspect wat je regelmatig in een lied terughoort: de solo. Een instrument speelt een aantal maten een solopartij. Een solo kan een lied net even dat extraatje geven waardoor het er uit springt. En wat mij betreft kan dat ook in een eredienst. Dat leg ik eerst uit, ik bespreek een aantal randvoorwaarden en leg in zes stappen uit hoe ik het aanpak. Aan het einde bespreek ik een hele solo.

Kan het wel in de dienst?

Waarom solo’s in liederen in een eredienst? Het gaat toch om het begeleiden van de zang? Ja, inderdaad, ik ben een sterke voorstander dat de band de zang begeleid. Het doel is namelijk dat we als gemeente samen God eren, lof toezingen, aanbidden en ons hart uitstorten. Maar dat betekent niet dat er geen “versieringen” zouden mogen zijn. Ons gebouw maken we vaak toch ook wat mooier? Solo’s moeten natuurlijk niet overheersen, het moet ten dienste staan aan het lied. Een goeie solo kan juist helpen om een bepaald gevoel te benadrukken. Nog belangrijker: ‘mooi snarenspel’ kan ook een vorm van aanbidding zijn (zolang het maar niet om jezelf aanbidden gaat 🙂 ). En nu aan de slag… Ik neem als voorbeeld de gitaarsolo van Opwekking 643, Al voor mijn leven is ontstaan.

Randvoorwaarden

Er zijn wel een paar randvoorwaarden om een solo uit te kunnen zoeken. Je moet je instrument voldoende kennen, waar de noten zitten en specifieke technieken voor het instrument moeten beheersen. Voor een gitaar is het belangrijke basale solo-technieken onder de knie te hebben zoals bends (het verhogen van een toon door de snaar omhoog te duwen), hammer-on, pull-off (het in een vloeiende beweging van/naar een toon gaan) en slide (opschuiven naar een hogere of lagere toon). In de solo van 643 zitten bijvoorbeeld aan aantal bends, als je langer gitaar speelt zul je dit sneller herkennen. Enige ervaring met solo’s is eigenlijk wel een vereiste, anders zul je sneller verdwalen in de zogenaamde wir war aan noten. Ga naar de bieb of zoek op internet naar uitgewerkte solo’s van nummers die je leuk vindt en leer deze spelen.

Stap 1: Luisteren

De eerste stap is echt heel belangrijk. Luister goed naar de solo. Niet één keer, maar spoel steeds weer terug en luister misschien wel 10 keer. Analyseer wat er gebeurt. Omdat in een solo vaak veel variatie zit lijkt het soms alsof er geen structuur in zit. Als je goed luistert kun je vaak wel patronen herkennen. In mijn beleving vertelt een goede solo als het ware een klein verhaal. Bijvoorbeeld: de solo begint met lage tonen en gaat met een toonladder de hoogte in en speelt dan een variatie op de melodie. Naar het einde toe eindige de solo met een hoge noot.

Stap 2: Toonsoort

Het is echt heel erg belangrijk om te weten in welke toonsoort een solopartij wordt gespeeld. Daardoor heb je ongeveer een idee welke noten gespeeld zullen worden. Als het lied in C staat, zullen de tonen uit deze toonladder komen en in de regel c, d, e, f, g, a en b bevatten (A mineur trouwens ook). Vaak zullen er ook uitstapjes zijn naar andere tonen, waardoor een solo interessanter kan zijn. Als je de bladmuziek hebt, kun je toonsoort afleiden van het aantal kruizen/mollen (zie de kwintencirkel op deze pagina). Al voor mijn leven is ontstaan staat in F (een mol).

Stap 3: Begeleiding

Voor dat je echt begint met het uitzoeken van de solo, is het echt heel erg handig (eigenlijk onmisbaar…) als je de begeleidende akkoorden kent, het tempo en de maatsoort weet. Naast de toonsoort helpt dit je een heel stuk op weg, een solopartij beweegt regelmatig met de akkoorden mee (maar niet noodzakelijk). Soms zijn de akkoorden hetzelfde als het couplet, refrein of bridge. In het geval van Opwekking 643 is dat niet zo, het sologedeelte heeft een eigen akkoordenpatroon. Deze staan ook niet in de bladmuziek. De akkoorden moest ik dus zelf uitzoeken: dat is Dm – Bb (3x) en de laatste maten een Eb (dit akkoord ‘hoort’ niet in deze toonladder, wat een mooi effect geeft).

Stap 4: Speel mee en ‘zoek’ de noten

Je hebt een aantal keer geluisterd, weet de toonsoort, het tempo en de maatsoort. Het is tijd om te proberen mee te spelen. Het is het handigst om de partij in kleine stukjes te hakken. Begin met een of twee maten, en breidt steeds verder uit. Luister, zoek de noten, zet op pauze, spoel terug, doe dit net zo lang tot je de noten gevonden hebt.

Het kan zijn dat er hele snelle loopjes in de solo zitten. Soms volgen deze (een deel van) de toonladder. Als het te snel gaat kan het lastig zijn om de noten goed te kunnen horen. Ik gebruik dan een programma om vertraagd af te spelen, zodat ik het goed kan horen (ik gebruik het gratis programma Audacity).

De frasering kan soms lastig zijn, soms wordt een solo wat (schijnbaar) vrijer gespeeld. Een noot zit misschien net voor te tel. Vaak is er wel een patroon, een ritme, te ontdekken. Dit is een kwestie van goed luisteren!

Stap 5: Schrijf op

Er gebeurt vaak veel in een solo. Als je net de eerste maat gevonden hebt, vergeet je misschien in de tweede maat al weer wat in de eerste maat gebeurde. Ik gebruik hiervoor Guitar Pro (niet gratis, voor gitaristen wel de investering waard), waardoor ik direct kan horen of het klopt. Ook kan ik hierin specifieke gitaartechnieken mee noteren. Je kunt natuurlijk ook een papiertje pakken en de noten en/of tabulatuur opschrijven. Belangrijkste is dat jij het terug kunt lezen. Als je de solo wil delen met anderen moet je hem natuurlijk wel goed uitschrijven in noten (voor gitaar met tabulatuur, omdat je daarin heel precies kunt aangeven welke positie en techniek toegepast wordt).

Stap 6: Controleer en oefen

Je zult stap 4 en 5 mogelijk meerdere keren herhalen. Verkijk je er niet op, je kunt hier best wat tijd mee kwijt zijn bij een moeilijkere solo. Maar als je doorzet, zul je de hele solo uitgeschreven hebben. Ik zorg dat ik dan de hele solo meespeel met de opname, en ik controleer goed of het klopt. Met Guitar Pro kan dit ook. Dit programma heeft overigens ook als voordeel dat je daarmee kunt meespelen in oefenmodus: daarmee kun je herhalen, in een lagere tempo spelen en het tempo langzaam verhogen.

Als het gelukt is, zeker bij een lastige solo, geeft dat een kick. Maar als je pas begint, besef dat het niet altijd zal lukken. Soms zul je vastlopen op snelle loopjes, is de frasering lastig. Misschien lukt maar een maat. Laat je niet ontmoedigen, pak het later weer op. Misschien merk je dat je techniek voor verbetering vatbaar is, waardoor het niet lukt. Ga daar dan eerst mee aan de slag.

Solo Al voor mijn leven is ontstaan (Opwekking 643)

Hier is de solo helemaal uitgeschreven:

Solo Opwekking 643

De eerste 4 maten worden herhaald (dat scheelt al wat uitzoekwerk 😉 ). Hierbij heb ik in gedachten het ritme (in achtsten over twee maten heen) 3+3+3+3+2+2 in mijn hoofd. Zo begint de eerste maat met een kwartnoot, een achtste noot en een kwartnoot (uitgeschreven in twee achtsten). De laatste noot gaat over de maat heen. Het is goed om te noemen dat je veel tonen op meerdere snaren kunt spelen. Zo speelde ik eerst de A op de 10e positie op de B snaar, maar vond later tot de 14e positie op de G snaar logischer. Het maakt overigens wel uit welke snaar je een noot speelt! Op een dikkere snaar klinkt het anders dan een dunnere snaar en een open snaar anders dan een gefrette noot.

In de volgende maten wordt hoger gespeeld. Er worden een aantal technieken gebruikt: bends (een hele en een halve toon) en hammer-on en pull-offs. Begonnen wordt met een G die wordt opgedrukt tot een A,  die overgaat in een pull-off en on. Onder het Bb akkoord is ook een bend, maar dan een halve toon (A wordt Bb). Het loopje in de volgende maat begint ook met een snelle hammer-on en pull-off en gaat weer omlaag.

De laatste maten zijn wat lager en hebben minder snelle noten. Er wordt gebruik gemaakt van de techniek palm muting (met je speelhand de snaren dempen). De laatste twee maten hebben een Eb als akkoord, wat een uitstapje uit de toonladder F is. De noten in de solo blijven wel in de toonladder, wat prima kan als je de juiste noten speelt (in ieder geval geen E bijvoorbeeld).

Nog een laatste opmerking: als je mijn opname bekijkt zul je zien dat ik bijvoorbeeld soms een snaar nog beetje vibrato meegeef. Dit heb ik niet uitgeschreven. Als je wat meer ervaring hebt ‘hoor’ je dit vaak wel. Daarnaast hoef je een solo niet persé precies hetzelfde te spelen, je zult altijd iets (hoe klein ook) van jezelf er in leggen.

Advertenties

One thought on “Zelf een (gitaar)solo uitzoeken

  1. Aanvulling: In de traditionele kerkdienst wordt wel eens een lang intro gespeeld voor het lied na de preek. Dat wordt dan meditatief orgelspel genoemd.
    Vind ik een mooie manier om instrumentale muziek in de eredienst te passen.

    Handig is ook als je toonladders oefent op meerdere snaren. Daardoor kun je noten en loopjes gemakkelijker plaatsen. Via Twitter heb ik 2 overzichtsfoto’s gestuurd van een gitaarhals met daarop majeurtoonladders vanaf verschillende posities/snaren.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s