Hoe zorg ik dat liederen goed aansluiten? De modulatietabel!

Een vraag die nog wel eens leeft bij zangleiders is: passen deze liederen wel na elkaar? Het ene lied is bijvoorbeeld in C en het volgende lied in Bb. Het ene lied is een vlot uptempo nummer in 4/4 en het volgende nummer in langzame 6/8 maat. Zeker als liederen aan elkaar gespeeld moeten worden, kan dat soms best een uitdaging zijn. Maar, met een beetje muzikale kennis kun je een eind komen. En, in veel bundels kun je zien in welke toonsoort een lied staat. Met een handige tabel zoals hieronder kom je denk ik best een eind. Maar een theoretische cursus muziek kan natuurlijk nooit kwaad! (Dit boek is heel handig, helaas niet leverbaar) Hier leg ik de nadruk op overgangen tussen toonsoorten. Tempo- en maatwisselingen ‘voel’ je wat makkelijker aan en als je goede bladmuziek hebt kun je zien wat het tempo en de maatsoort is.

Uitleg

Hieronder vind je dus een tabel. Maar om die te begrijpen geef ik eerst wat uitleg. In principe kun je van elke toonsoort naar een andere toonsoort moduleren, mits je een bruggetje bouwt. Maar ook als je twee liederen direct achter elkaar speelt, met een korte rust, is het meestal prettiger voor het gehoor als de toonsoort logisch op elkaar aansluiten. Omlaag (van C naar Bb) of een hele vreemde interval (van C naar F#) wringt doorgaans een beetje. Ik ken pianisten die met een ingenieus riedeltje een minder logische modulatie voor elkaar kregen. Maar het is dus best handig als je weet welke toonsoort makkelijk op elkaar aan te sluiten zijn.

In de tabel toon ik vijf soorten:

  • De mineur equivalent. Voor elke majeur toonladder is er een mineur equivalent. In die toonladder zit precies dezelfde tonen, alleen begin je op een andere toon. Zo is Am verwant aan C. In Am is de toonladder A-B-C-D-E-F-G, in C is dat C-D-E-F-G-A-B. Eigenlijk verandert er niets aan de tonen, alleen is de relatie anders. Je ziet weleens dat een couplet mineur klinkt, en het refrein majeur (bijv. Opwekking 333: in het couplet domineert de Bm, in het refrein de D. Omdat het lied eindigt op een D akkoord is het lied in D, als het zou eindigen in een Bm akkoord, in Bm.)
  • Halve toon hoger: je moduleert slechts een halve toon. Bijv. van C naar C#.
  • Hele toon hoger: gebruikelijker dan een halve toon hoger is een hele toon hoger. Van C naar D bijvoorbeeld.
  • Een kwint lager (gelijk aan een kwart omhoog): je kunt ook relatief makkelijk moduleren naar een toonsoort die een kwint lager is. De toonladder verandert dan maar één toon. De septiem wordt een halve verlaagd, er komt een mol bij in de voornotatie. Van C kun je dus naar F. De B (de zevende toon) wordt een Bb.
  • Een kwint hoger: je kunt ook de andere kant op. Dan komt er een kruis bij in plaats van een mol, op de plaats van de kwart. Van C kun je dus naar G en dan verandert de F in een F#.
  • Voor de halve, hele, kwint en kwart geldt dat je in principe daar ook de mineurequivalent kunt nemen, maar dat is minder gangbaar.
  • Dezelfde toonsoort in mineur of majeur. Je kunt ook van C naar Cm en vice versa. Binnen een lied komt dat nog wel eens voor, met name van majeur naar mineur, maar in modulaties tussen liederen minder.

De kwintencirkel

Bestudeer ook eens de kwintencirkel, dit maakt goed zichtbaar hoe de modulaties  in de kwint omhoog/omlaag zich tot elkaar verhouden. De buitenste cirkel toont de majeurtoonladders, de binnenste cirkel de mineurtoonladders. Dit schema is ook handig om te zien in welke toonsoort een lied staat als je wel de bladmuziek hebt, maar waar niet bij staat in welke toonsoort het lied is (zoals dat heel handig in de bundel van Opwekking staat).

350px-circle_of_fifths_deluxe_4-svg

Overgangsakkoorden

Als je twee liederen in een verschillende toonsoort direct aan elkaar wilt spelen, kun je dat ineens doen, maar je kunt ook gebruik maken van een tussen akkoord, meestal het spil akkoord (een akkoord dat in beide toonsoorten een functie vervult). Vooral als direct gezongen wordt is dat handig omdat de zang daardoor geholpen wordt bij de nieuwe toonsoort te komen. Zo kun je van F naar G door een D/F# te spelen. Je hebt dan een chromatische trapje (dat is overigens géén spilakkoord, omdat de D niet voorkomt in F, wel de Dmin). Een typisch voorbeeld van een spilakkoord is van C naar F via een C(7) (de C zit in beide, en als je een C7 speelt, zorgt de Bb die in F voorkomt (maar niet C – tenzij je in de mixolydische toonladders speelt), waardoor je naar de F “getrokken” wordt).

Majeur tabel

Toonsoort Mineur equivalent Halve toon hoger Hele toon hoger Kwint omlaag (+ b) Kwint omhoog (+ #)
C Am C#/Db D F G
C#/Db A#m/Bbm D D#/Eb F#/Gb G#/Ab
D Bm D#/Eb E G A
D#/Eb Cm E F G#/Ab A#/Bb
E C#m F F#/Gb A B
F Dm F#/Gb G A#/Bb C
F#/Gb D#m/Ebm G G#/Ab B C#/Db
G Em G#/Ab A C D
G#/Ab Fm A A#/Bb C#/Db D#/Eb
A F#m A#/Bb B D E
A#/Bb Gm B C D#/Eb F
B G#m C C#/Db E F#

Mineur tabel

Toonsoort Majeur equivalent Halve toon hoger Hele toon hoger Kwint omlaag (+ b) Kwint omhoog (+ #)
Am C A#m/Bbm Bm Dm Em
A#m/Bbm C#/Db Bm Cm D#m/Ebm Fm
Bm D Cm C#m/Dbm Em F#m/Gbm
Cm D#/Eb C#m/Dbm Dm Fm Gm
C#m/Dbm E Dm D#m/Ebm F#m/Gbm G#m/Abm
Dm F D#m/Ebm Em Gm Am
D#m/Ebm F#/Gb Em Fm G#m/Abm A#m/Bbm
Em G Fm F#m/Gbm Am Bm
Fm G#/Ab F#m/Gbm Gm A#m/Bbm Cm
F#m/Gbm A Gm G#m/Abm Bm C#m/Dbm
Gm A#/Bb G#m/Abm Am Cm Dm
G#m/Abm B Am A#m/Bbm C#m/Dbm D#m/Ebm

Opmerking: ik heb sommige akkoorden dikgedrukt getoond, bijv. bij de A#m/Bbm de Bbm. Dit is omdat de A#m niet zo vaak voorkomt t.o.v. de Bbm. Een A#m of C# toonsoort heeft 7 voortekens, terwijl de Bbm of Db er slechts 5 heeft.

Advertenties

One thought on “Hoe zorg ik dat liederen goed aansluiten? De modulatietabel!

  1. Pingback: Terugblik op 2016 | Gloria en Kyrie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s