Aanbidding als feest

Omdat ik vandaag jarig ben, wilde ik graag iets toepasselijks posten. Aanbidding heeft veel facetten, en zou ingebed moeten zijn in heel ons leven. Het is niet los verkrijgbaar, schreef ik al eens. Omdat ik zie dat vooral de positieve kanten van aanbidding worden benadrukt in evangelische kerken, stel ik daar ook regelmatig de keerzijde van de medaille tegen over. Er moet ook ruimte zijn voor verdriet. Maar vandaag de focus op het feestelijke aspect, want dat mag de boventoon voeren. Ik ben immers jarig!

In Openbaring 4 en 5 zien we aanbidding tot uiting komen:

En zonder ophouden roepen [de vier dieren] dag en nacht: ‘Heilig, heilig, heilig, Heer, God, Albeheerser, die was en die is en die komt.’ Telkens als de dieren heerlijkheid, eer en dank brengen aan Hem die op de troon zetelt en die leeft tot in alle eeuwigheid, vallen de vierentwintig oudsten neer voor Hem die op de troon zetelt, om Hem te aanbidden die leeft tot in alle eeuwigheid. Zij werpen hun kronen neer voor de troon, terwijl ze uitroepen: ‘Waardig bent U, onze Heer en onze God, de heerlijkheid en de eer en de macht te ontvangen; want U hebt het heelal geschapen: door uw wil ontstond het en werd het geschapen.’ (Op 4:9-11)

Toen zag ik midden voor de troon en omgeven door de vier dieren en de oudsten een lam staan. Het zag eruit alsof het geslacht was en Het had zeven horens en zeven ogen – dit zijn de zeven geesten van God, uitgezonden over heel de aarde. Het lam kwam dichterbij en nam het boek uit de rechterhand van Hem die op de troon zetelt. Toen het de boekrol genomen had, vielen de vier dieren neer voor het lam, evenals de vierentwintig oudsten, elk met een citer in de hand en met gouden schalen vol reukwerk – dat zijn de gebeden van de heiligen. En zij zongen een nieuw lied: ‘Waardig bent U het boek te nemen en zijn zegels te verbreken; want U bent geslacht en U hebt hen gekocht voor God met uw bloed uit alle stammen en talen en volken en naties. U hebt hen voor onze God gemaakt tot een koninklijk geslacht van priesters, en zij zullen heersen op de aarde.’
Terwijl ik keek, hoorde ik de stemmen van talloze engelen rondom de troon en de dieren en de oudsten; hun getal was tienduizenden tienduizendtallen en duizenden duizendtallen; en zij riepen luid: ‘Waardig is het lam dat geslacht werd, de macht en de rijkdom, de wijsheid en de kracht, de eer en de heerlijkheid en de lof te ontvangen.’ En elk schepsel in de hemel en op de aarde en onder de aarde en in de zee, en alles wat daarin is hoorde ik roepen: ‘Aan Hem die zetelt op de troon en aan het lam lof en eer en heerlijkheid en kracht tot in alle eeuwigheid!’ En de vier dieren zeiden: ‘Amen’, en de oudsten vielen in aanbidding neer. (Op 5:6-14)

Wat moet dat geweldig zijn! Alles is gefocused op God en het Lam. God wordt groot gemaakt met letterlijke aanbidding: neerknielen én in woord en lied. En “tienduizenden tienduizendtallen en duizenden duizendtallen” roepen “Waardig is het lam dat geslacht werd, de macht en de rijkdom, de wijsheid en de kracht, de eer en de heerlijkheid en de lof te ontvangen.” En alle schepsel, overal, geven God eer. Wat moet dat een feest zijn. Er is geen rouwklacht meer –  want “U bent geslacht en U hebt hen gekocht voor God met uw bloed” – en is alles veilig bij God. Op de laatste cd van Opwekking staat een lied op basis van Openbaring 4 en 5.

Op zondag mogen wel al een beetje vooruitkijken naar deze geweldige toekomst. Natuurlijk is er ook dan nog ons leed, maar we zijn bij elkaar omdat Jezus is geslacht en ons gekocht heeft. Dat los niet al onze ellende op magische wijze op, maar heeft wel de belofte in zich van deze geweldige toekomst. Geen saai beeld van een engel op een harp, maar met ontelbaar veel mensen God aanbidden.

Misschien wel met Psalm 150?

Halleluja.
Loof God in zijn heiligdom,
loof Hem in zijn machtig uitspansel.
Loof Hem om zijn kracht, zijn daden;
loof Hem om zijn mateloze grootheid.
Loof Hem met een stoot op de ramshoorn,
loof Hem met harp en lier,
loof Hem met beltrom en rondedans,
loof Hem met citer en fluit,
loof Hem met strijkende cimbels,
loof Hem met slaande cimbalen;
ja, iedereen die adem heeft, loof de HEER.
Halleluja.