Onregelmatige maatsoorten zijn niet zo moeilijk als het lijkt (deel 1)

Ik ben gek op onregelmatige maatsoorten. In veel muziek waar ik naar luister en die ik schrijf, zitten onregelmatige maatsoorten. Als ik een lied hoor met een onregelmatige maatsoort, spitsen mijn oren zich direct. Er gebeurt iets interessants! Niet voor niets luister ik graag naar progressive rock, daarin wordt vaak gebruik gemaakt van onregelmatige maatsoorten. Veel mensen vinden het maar iets raars en tellen liever tot drie of vier. Ik tel liever drie én vier. En volgens mij is het niet zo moeilijk als het lijkt. Omdat het vandaag 13/8 is (zo geschreven een onregelmatige maatsoort 😉 ), het eerste deel over onregelmatige maatsoorten met wat achtergrondinformatie en voorbeelden. In deel 2 oefenmateriaal.

Wat is een onregelmatige maatsoort?

Wat is een onregelmatige maatsoort? De meeste maatsoorten zijn regelmatig, en verdeeld in groepjes van twee (binair) of drie (ternair). Dat zijn maatsoorten als 2/4, 3/4, 4/4 (2+2), 6/8 (3+3) en 12/8 (3+3+3+3). Dit zijn dan ook de maatsoorten die je in de meeste westerse muziek tegenkomt. Een onregelmatige maatsoort bestaat doorgaans uit een samenstelling van binaire en ternaire delen. 2+3 wordt bijvoorbeeld 5/4 en 3+2+2 wordt 7/8. 9/8 kan zowel regelmatig (3+3+3) als onregelmatig (3+2+2+2) zijn. Doordat we zo gewend zijn om naar regelmatige maatsoorten te luisteren klinkt het vreemd, en soms word je ook even op het verkeerde been gezet. En dat vind ik dan wel weer leuk.

Aangestoken door het virus

Ergens in mijn late tienerjaren is het virus langzaam opgekomen. Toen luisterde ik veel naar metal en alternatieve rock, waarin ook regelmatig gebruik gemaakt wordt van onregelmatige maatsoorten. Het virus sloeg bij mij pas echt toe toen ik progressive rock bands ontdekte als Rush en King Crimson. Ik begon het zelf ook toe te passen in mijn eigen muziek (toen had ik nog een metalband en dreef ik de drummer nog net niet tot waanzin – hij kon overigens alles wel spelen). Toen ik tot geloof kwam ontdekte ik ook dat er best wat christelijke muziek is in onregelmatige maatsoorten. Iona maakt er regelmatig gebruik van, maar ook minder voor de hand liggende artiesten als Steven Curtis Chapman (Next 5 minutes, o.a. couplet in 7/8) en Rachael Lampa (All this time, intro/tussenspelen zijn in 7/8). Tekst gaat verder onder filmpje

Luistertips

Onregelmatige maatsoorten zijn een kwestie van tellen én voelen. Omdat ik bijna 25 jaar me bezig houdt met onregelmatige maatsoorten, hoor ik vrij snel dat een lied onregelmatig geteld is en wat de maatsoort is. Veel van mijn muzikale ideetjes zijn in een onregelmatige maatsoort. Als het redelijk nieuw voor je is, zul je er oor voor moeten krijgen. Maar als je er wat moeite voor doet, valt het denk ik best mee. In het volgende deel zal ik wat praktijkoefeningen delen. Voor nu een aantal luistertips.

In 5/4

In 7/4

In 7/8

  • Rush – Tom Sawyer, het middenstuk/einde is in 7/8 met af en toe een 13/16 maat
  • Steven Curtis Chapman – Next 5 Minutes, intro en coupletten in 7/8. Middenstuk heeft o.a. 5/4 en 6/4
  • Rachael Lampa – All this time, intro en middenstuk in 7/8

Andere maatsoorten

In christelijke liederen bedoeld voor samenzang komt je vrij weinig onregelmatige maatsoorten tegen, hoogstens ergens een 2/4 of 3/8 maat extra. Ik kon een paar Nederlandstalige vinden. Vaak wordt het uitgeschreven als een afwisseling van bekende maatsoorten als 4/4 en 3/4.

Een lijst van progressive rock nummers geven is ondoenlijk, maar als je nieuwsgierig bent een paar suggesties

  • The Neal Morse Band – The Similitude of a Dream (ja, het hele album. 5/4, 7/8 e.v.a. komen voorbij!)
  • Neal Morse – The Spirit and the Flesh (veel 5/8)
  • Neal Morse – Time Changer (ook veel 5/8, let ook op het a cappela stuk rond 4:00, dat is in 15/8 of 7/8+4/4)
  • King Crimson – Frame by Frame (couplet in 7/8,  let ook op de verspringing tussen de twee gitaren)
  • Iona – White Horse (delen in 7/8 en 5/8)
  • Echolyn – Island (grotendeels in 11/8)
  • Marillion – Lords of the Backstage (13/16, ik tel in achtsten 1-2-3-te-1-2-3, waarbij de ‘te’ een zestiende noot is, en 7/8)

 

 

Advertenties

2 thoughts on “Onregelmatige maatsoorten zijn niet zo moeilijk als het lijkt (deel 1)

    • Klopt! Hij wordt door mij regelmatig gedraaid, onderweg of tijdens werk. Met Frank van Essen op drums en Dave Bainbridge in een aantal nummers op gitaar en de keltisch-achtige melodieen is het soms net een soort Nederlandstalige Iona 😉

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s