De theorie van de muziek I: maatsoorten

Het lijkt me leuk om mijn bespiegelingen over muziek in de kerk ook eens af te wisselen met wat andere blogs. Het moet natuurlijk wel iets met muziek te maken hebben. Nu weet ik ook wel iets af van de techiek van muziek. Dit is het eerste artikeltje. En dat moet dan maar gaan over een van mijn stokpaardjes: maatsoorten. Vooral dan de onregelmatige. Maar eerste basics!

De basis

Voor de leek: wat is een maatsoort? Normaal gesproken is er een duidelijk herkenbare regelmaat in een melodie of melodiefragment. Je kunt dan meetellen met de melodie, bijvoorbeeld  tot drie of vier. Zo’n tel heeft dan een bepaalde lengte die in verhouding staat tot de meldoie en het tempo waarin het lied wordt gespeeld. Een simpel voorbeeld: Altijd is Kortjakje ziek:

Altijd is kortjakje ziek

De melodie bestaat voornamelijk uit kwartnoten (1/4). Als we hier nu een regelaat in proberen te vinden, zien we dat dit het meest logisch is als we dit verdelen in steeds vier kwartnoten. Laat je niet van de wijs brengen door het stukje “midden in de”. Dat zijn achtste noten, daarbij tel je twee achtste noten als één kwart noot. De maatsoort is dus 4/4, vier-kwarts.

Overigens is het wat arbitrair: feitelijk kun je het lied ook als 2/2 noteren, waarbij je voor elke halve noot twee kwartnoten zingt. Of je noteert de kwartnoten als achtstenoten, en noteer je het tempo dubbel. Het is dus enigszins subjectief, hoewel in veel gevallen een bepaalde notatie meer voor de hand ligt, zoals deze van Altijd is Kortjakje ziek.

Het verschil tussen maatsoort en ritme

Maatsoort en het ritme zijn twee verschillende dingen. Terwijl de maatsoot een evenredige verdeeld tellings is binnen een maat, staat dit niet noodzakelijk gelijk aan het ritme. Ik grijp weer terug op het eenvoudige voorbeeld van Altijd is Kortjakje ziek. In de eerste maat loopt het ritme gelijk met de maatsoort, precies vier kwartnoten. In de tweede maat gebeurt er iets: de vierde kwartnoot is een rust. En in derde maat zijn er eerst vier achtste noten, waardoor een versnelling optreed (alsof we ons door de week moeten haasten?). Al deze beweging vormen samen het ritme van de melodie. Als we een op een het ritme zouden tellen, zouden we op een andere telling uitkomen, wat niet eenduidig te communiceren is.

Wat is het nut van een maatsoort?

Waarom is het zo handig om te weten wat de maatsoort van een lied is? Het maakt het voor groep muzikanten erg gemakkelijk om af te spreken wat de maatsoort is. Dan speel je – als het goed is – allemaal op het zelfde moment de juiste noten. Daar zitten overigens wel meer aspecten aan vast, zoals het tempo en de toonsoort, maar hier focussen we op de maatsoort. Het is, normaal gesproken, chaotisch als alle muzikanten een verschillende maatsoort spelen. Ik heb het wel eens meegemaakt dat iemand inzette in 6/8 terwijl de maatsoort 4/4 was (of andersom, dat weet ik niet precies meer). Dan komt het niet meer goed en is de enige oplossing: opnieuw beginnen. Kortom: het is een nuttige afspraak die ervoor zorgt dat iedereen op één lijn zit. En dus in de maat spelen.

Variatie

WarningWAARSCHUWING: HIER WORDT HET TECHNISCH EN NERDY. LEZEN OP EIGEN RISICO!

Toen ik een jaar of 18 was, ontdekte ik dat er iets bijzonders is met maatsoorten. Veelal zijn we gewend dat een lied in 3/4, 4/4, 6/8 of 12/8 is. Een enkele keer zit er eens een extra 2/4 maat in. En toen leerde ik muziek kennen, bewust, waarbij er niet tot 3 of 4 werd geteld, maar tot 5 of 7, we noemen dit onregelmatige maatsoorten. Het gaf me een gevoel van vrijheid: ik ben niet beperkt tot de geijkte kaders, maar kan zelf mijn kaders bepalen. En als je je er in verdiept, blijkt er ook in de (pop)muziek genoeg interessante voorbeelden te noemen. Wat te denken van Money van Pink Floyd in 7/4, of All you need is love van The Beatles ook grotendeels in 7/4. Ook 5/4 komt nog wel eens voor, zoals in het Mission Impossible Theme of Take Five van Dave Brubeck.

Bonter maken de progressieve rockmuzikanten. Bijna elke progressieve rockmuzikant maakt wel gebruik van onregelmatige maatsoorten. Soms komt dat wat gekunsteld over, maar het kan ook zeer geslaagd zijn. Een van de bands die me hiervoor warm heeft gemaakt – zeg maar gerust geobsedeerd – is Rush. Zeker in hun albums eind jaren 1970, begin jaren 1980, zijn veel verschillende maatsoorten te vinden. Bijvoorbeeld het nummer Jacobs Ladder van het album Permantent Waves uit 1980. Beginnend met een mars in afwisselend 5/4 en 6/4, waar later in 4/4 de zang en synthesizer overheen gaat (terwijl gitaar, bas en drums stug in 5/4 en 6/4 aanhouden), vinden we verderop nog een deel in 5/4 (drie keer, elke vierde maat is 6/4) en een geweldige riff in 6/8 afgewisseld met 7/8.

Ook onder christenen

Toen ik christen werd, was ik bang voor muzikale armoede. Veel van mijn favoriete muziek kon ik niet meer luisteren (je weet wel, satanische metal enzo :D), maar ik vond ook pareltjes. Een van die pareltjes is het nummer Next Five Minutes van Steven Curtis Chapman. Grotendeels in 7/8 (intro en couplet) en een middenstuk die het nog wat bonter maakt door de maatsoorten 5/4, 6/4 en 4/4 af te wisselen.

En deze dan nog. Rachel Lampa met All this time. Niet het type artiest waar ik veel naar luister, maar met het heftige 7/8 intro, een maatsoort die aanhoudt in het couplet en ook het middenstuk siert, word ik hier wel blij van!

Advertenties

2 thoughts on “De theorie van de muziek I: maatsoorten

  1. Hoi Marc, een beetje late reactie, maar ik kwam toevallig vandaag deze blog tegen.

    Ik denk dat je het leuk vind om eens te kijken naar het werk van Leonard Jones (als je hem nog niet kent). Leonard is een geweldige Amerikaanse multi-instrumentalist met een zelfde liefde voor onregelmatige maatsoorten en leuke progressies als jij.

    Leuke voorbeelden zijn Crows (https://www.youtube.com/watch?v=ZCf5xg4CdjI in 7/8, couplet in B, refrein in B♭) en Made for love (https://www.youtube.com/watch?v=vrxkBj2yTHM gemengt 5/4 en 6/4).

    Leonard is een ontzettende aardige kerel (ik heb het genoegen gehad een keer met hem te spelen), zijn instelling mbt zijn eigen muziek is “als jij het kan spelen mag dat van mij”. Ik heb nog wat bladmuziek van hem liggen, laat maar weten als je dat leuk vindt.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s